1 september 2026

Je meldt een chatbot die onzin over je verspreidt. De melding gaat naar een toezichthouder, die zegt dat het bij een collega-instantie hoort, die zegt dat het over een dienst gaat die onder een andere wet valt. Drie mails verder heb je nog steeds geen antwoord en de chatbot vertelt hetzelfde verhaal.
Dat is geen verzonnen scenario, het is de kern van een nieuw rapport dat Euronews dinsdag publiceerde. De Europese digitale regels beslaan inmiddels meer dan 171 wetten, en de handhaving is verdeeld over 315 toezichthoudende instanties. De auteurs, Kai Zenner en Maria Koomen, noemen dat een handhavingskloof: de EU is structureel niet in staat haar eigen regels af te dwingen. Hun voorstel gaat in drie stappen: eerst een kortlopend samenwerkingsforum, daarna op middellange termijn een Digital Enforcement Agency, en pas na een verdragswijziging een volledig onafhankelijke status. Ook BNR besteedde er aandacht aan.
Waarom dit jou raakt en niet alleen Brussel
De AI-wet, de Digital Services Act en de Digital Markets Act zijn precies de regels waarop je als gebruiker leunt. Dat een AI-systeem moet vertellen dat het een AI-systeem is. Dat een platform moet reageren op een melding. Dat een grote aanbieder je niet mag opsluiten in zijn eigen diensten.
Alle drie die wetten worden nu voor het eerst op grote schaal gehandhaafd; de handhaving is, in de woorden van het rapport, aan het opschalen. En volgens Koomen is die handhaving “verdeeld over meer dan 300 verschillende EU- en nationale instanties, waarvan er veel niet beschikken over het personeel, de expertise of de onafhankelijkheid om consistent op te treden”. Een recht dat je niet kunt afdwingen, is voor de consument ongeveer hetzelfde als geen recht.
Een regel zonder handhaver is een keurmerk zonder inspecteur
Hier nemen wij stelling. De afgelopen jaren werd elke nieuwe Europese digitale wet gepresenteerd als bescherming die je erbij kreeg. Dat is te makkelijk gebleken. Een wet levert je pas iets op als er iemand is die hem kan uitvoeren, met genoeg mensen en zonder afhankelijkheid van politieke afwegingen.
De onderzoekers wijzen daarvoor naar de Europese Commissie zelf. Die maakt de wetten, evalueert ze én handhaaft ze, terwijl ze tegelijk met andere landen onderhandelt over handel en veiligheid. Het rapport noemt een concreet voorbeeld: vorig jaar meldden media dat handelscommissaris Maroš Šefčovič had gelobbyd om een mededingingsboete tegen Google uit te stellen, uit vrees voor de broze handelsafspraken met de Verenigde Staten. Of dat verhaal in alle details klopt, kunnen wij niet vaststellen. Dat zo’n belangenverstrengeling structureel mógelijk is bij dezelfde club die jouw melding moet beoordelen, kunnen we wel vaststellen.
Eén agentschap erbij lost niet vanzelf iets op
En dan het ongemakkelijke deel voor wie, zoals wij, vindt dat er scherper gehandhaafd moet worden. “Richt een centraal agentschap op” is precies het soort antwoord waar Brussel goed in is en waar de burger zelden iets van merkt. Het rapport is geschreven door mensen uit die wereld — Zenner werkt als kantoorhoofd voor Europarlementariër Axel Voss — en het pleidooi voor een nieuwe instantie komt dus niet uit onverdachte hoek.
Eerlijk is eerlijk: de auteurs hebben ons bezwaar zien aankomen. Precies daarom bouwden ze het in drie stappen op, om het verzet te omzeilen van hoofdsteden die geen bevoegdheden willen afstaan en van lidstaten die zo’n nieuwe club niet willen betalen. Alleen: de stap die het agentschap écht tanden geeft, hangt aan een verdragswijziging. En een verdragswijziging is in de EU geen procedure maar een politiek project van jaren, met een uitkomst die niemand kan garanderen. Blijft die laatste stap uit, dan staat er straks een instantie zonder eigen doorzettingsmacht naast de 315 die er al zijn. Het aantal is niet het probleem; de bevoegdheid is het probleem, en die zit in de stap die het onzekerst is.
Zoek nu op wie jouw soort klacht behandelt
Zoek één keer op welke Nederlandse toezichthouder over jouw type klacht gaat en zet die in je notities. Toezicht op AI is in Nederland over meerdere partijen verdeeld — precies het punt van dit rapport — dus die vijf minuten scheelt je bij een echte klacht de eerste twee doorverwijzingen. Begin bij de toezichthouder die bij het onderwerp hoort: persoonsgegevens en algoritmes, financiële dienstverlening, telecom of consumentenbescherming. Nuttig om vooraf te weten: hoe vaak AI het mis heeft en waar je zo’n fout aan herkent, want een melding zonder concreet voorbeeld strandt sowieso.
De eerstvolgende test van de AI-wet
De auteurs noemen zelf een deadline. De Europese Commissie begint aan een brede herziening van de digitale wetgeving, precies terwijl de onderhandelingen over de meerjarenbegroting op scherp staan. “Er staat een zeldzaam venster open om dit structureel op te lossen in plaats van geval voor geval te lappen”, zegt Koomen. “Missen we dit moment, dan komt de volgende kans pas over zeven jaar.” Dat is een houdbaarheidsdatum, en die is over een paar maanden toetsbaar: staat er in die herziening iets over de handhavingsstructuur zelf, of gaat het alleen over de regels?
De andere graadmeter is de eerste zaak waarin een grote aanbieder onder de AI-wet daadwerkelijk een sanctie krijgt. Duurt die zaak jaren en eindigt hij in een schikking, dan is de handhavingskloof geen theorie meer maar een meting. Wie in de tussentijd wil zien hoe snel de praktijk verandert zonder dat een wet daaraan te pas komt, hoeft alleen te kijken naar wat AI-samenvattingen met zoekresultaten doen — en naar hoe je een deepfake zelf leert herkennen, want dat is voorlopig sneller geregeld dan een Europees agentschap.